De bevalling

fotoBij de bevalling moet er overleg zijn tussen de vrucht en moeder. Moeder kent het plan, onbewust. Soms komt dat ook tot uiting binnen de bevalling.

Mijn dochter kwam met haar hand in haar haar en de elleboog naar voren. Het geeft iets aan, bijvoorbeeld dat ze zich afschermt voor dit leven en dat is ook heel herkenbaar in haar leven.

Zo kan een kind zich tijdens de bevalling terug houden uit angst voor het leven, omdat ze moeite hebben om te incarneren. De ontsluitingsweeën worden daar door beïnvloed. Je kunt als moeder maar ook als omstanders heel voorzichtig bij de ontsluitingsweeën het kind en de moeder stimuleren los te laten in overgave te komen. En wanneer de ontsluitingsweeën niet op gang komen heeft het wellicht hier mee te maken. Energetisch ontstaat er eerst een veld van afweer en terughouding, en dat vertaalt zich in de stoffelijke mens.
In de diepte voelt het kind of moeder bereid is het kind ook te ontvangen. Dus de moeder moet heel veel aan zichzelf werken en in acceptatie komen als dat nog niet het geval is.

De karmische verbinding.
Ouders voelen vaak intuïtief de karmische verbinding aan. Heel vaak zie je ook dat kinderen ouders hebben waarvan je denkt wat pijnlijk, die hebben veel irritatie naar elkaar of een stuk uit te werken met elkaar. En dat wordt dan je kind. Soms is die irritatie zo groot dat het kind niet geboren kan worden bij deze ouders via deze ouders. Er ligt dan een te grote blokkade bij de conceptie. Moet zo’n kindje toch bij die ouders komen dan kan dat bijvoorbeeld doordat zo’n kindje geadopteerd wordt. Het kan ook om een andere reden zijn bij adoptie.

Ouders moeten, wanneer er zo’n diep karmisch verleden ligt tussen hen en het kind, het kind a.h.w. opnieuw aanzien en weer opnieuw beginnen. Het verleden is voorbij, dat laten we los, het kind ook naar de ouders toe. Maar als je ziet dat het kind dat onderdrukt is nu de ouder is van het kind dat toen onderdrukte dan kun je je voorstellen wat er binnen zo’n relatie kan gebeuren.

fotoEen warm welkom!
Ouders moeten hun kinderen een welkom bereiden en dat klinkt nu natuurlijk verstandelijk en logisch, maar ik bedoel een innerlijk welkom. Dan voelt het kind zich ook innerlijk welkom. En dan zullen de eventuele  problemen niet direct zulke nadelige invloed hebben op heel de bevalling.
Kinderen reageren tijdens een bevalling heel sterk op gevoelens van ongemak bijvoorbeeld van de moeder en dan wordt het extra zwaar voor het kind. De aardse begeleiding van de ouders en het kind moet zich helemaal op moeder en kind richten en psychische voorbereiding bieden bij de geboorte van het kind.
Vaak zijn de handelingen meer op technische vaardigheden gericht. “Scheurt het niet in en gaat het soepel en daalt het hoofdje in?” Dat zijn slechts technische handelingen ook al gaat het moeilijk met het hoofdje toch dient de zielsverbinding prioriteit te hebben.
De aardse begeleiding is vaak niet op elkaar ingespeeld en als ze op elkaar gericht zijn is het op de pijn.
Realiseer je wat er met het kind gebeurt. Altijd ligt er de pijn rond de bevalling.

Ik heb tijdens de bevalling van mijn dochter per toeval met haar gesproken. De geboorte wilde niet vlotten doordat zij haar elleboogje voor haar gezichtje hield. Op een gegeven moment zei ik ineens intuïtief tegen mijn kind: “Kom op kindje zet ‘m op dat doen we samen eventjes”. En het kind gaf antwoord. Ik schrok. Een volwassen stem klonk door me heen, ik ben natuurlijk ook wel open. En op dat moment zette ze haar voeten tegen mijn ribben en een dikke ‘acht-ponder’ werd geboren. Ik ben dagen onder de indruk geweest van die volwassen stem. Toen wist ik van deze dingen nog niets. Ik denk dat ik dat ook mee heb moeten maken zodat ik het nu kan vertellen.

We kunnen het kind dus helpen. In gedachten, het hoeft niet eens hardop. We kunnen het tijdens de bevalling bemoedigen op eenvoudige wijze. Niet in de sfeer van: “Kind kom nu op aarde want je zult zien: je opdracht zal in vulling gaan.” Maar eerder: “Kom maar kindje, zet ‘m op we zijn bij je, we steunen je, we houden van je.” Gebruik eenvoudige zinnen.
Ouders moeten hun aandacht in liefde op het kind richten. Zo ontstaat, een concentratie van liefdesenergie rond de geboorteopening; rond de plek waar het kind gaat komen en op die manier helpt het de spieren te ontspannen.
Meestal ontspannen we onze spieren omdat zo de pijn vermindert, maar het zou eerder als doel moeten hebben het brengen van liefde er naar toe, waardoor het kind in liefde kan komen.

Liefde moet de basis zijn.
Je hoort nu welk een invloed wij geestelijk uit kunnen oefenen.. Als we steeds meer kennis rond etherische krachten uit gaan diepen,  zullen we op een gegeven moment een pijnloze bevalling kunnen krijgen en dat spiegelt dan weer hoe het leven ook tot diep in de stof bewust kan gaan worden. Zonder lijden; vanuit inzicht. Dus we kunnen naar de plaats  waar het kind geboren wordt energie sturen. Liefde moet de basis zijn voor de beleving bij de bevalling.

De andere ouder die erbij is en andere aanwezigen moeten niet mee verkrampen met de moeder mee. Beter kan vader wat strelen en massage geven, waarin hij a.h.w. zijn aandacht ook geeft naar het kind toe. De verloskundige en de kraamverzorgster, moeten niet alleen bezig zijn met bijvoorbeeld alleen het meten van de ontsluiting en dat soort technische zaken. Ze kunnen zich beter richten op het ontspannen en de liefdevolle ontvangenis van het kind. Dat is het belangrijkste doel.
De essentie is: Het kind moet zich verzoenen met zijn geboorte.
Dat moet in je bewustzijn en daardoor in je handelen als boodschap liggen.
Als volwassene kan het kind het kind in zichzelf bemoedigen op die manier en gestimuleerd worden. En de ouders en de begeleiders zijn daarbij eigenlijk de helpers. Zo voelt het kind zich ook minder eenzaam.

Het kind moet eigenlijk zelf het tempo van het bevallen aangeven, want anders is de geboorte een soort geweldpleging. Het gaat om een proces. Ik denk dat je het kind beter kunt uitnodigen. Dat is beter dan het gebruik van weeën-opwekkers.
Vader kan achter de moeder staan, met de handen op de schouders en mee uitnodigen, ondersteunen, maar niet overnemen. Hij steunt moeder daarin.

Wanneer het toch een keizersnee moet worden dan heeft dat weer met karma te maken van beiden, moeder en kind. In die zin dat die ervaring besloten ligt in het weten van zowel moeder als kind. Er kan bv een grote blokkade in het stuitchakra aanwezig zijn bij de moeder die ontwikkeld is in een vorig leven in relatie met het kind. Deze wordt zodanig dan getriggerd tijdens deze geboorte dat een normale geboorte onmogelijk is.
Het is alsof zij niet door de dwingende blokkade heen kunnen gaan en toch kiezen zij beiden voor dit leven. Dankzij de moderne technieken kan dat nu, anders had het niet gekund en dan had deze ontwikkeling op een andere wellicht nog gecompliceerdere wijze gemoeten.

Bij de geboorte van een kind, waarbij deze ingeleid wordt zouden we dit pas bij uiterste nood moeten doen. Eerst zouden we het op de geestelijke manier moeten proberen.
We zijn dikwijls te snel met zulke ingrepen. Handelen dikwijls vanuit ‘t mentale. Je moet continu in het gevoel bij jezelf blijven. Voelt het goed voor je? Ik doe soms dingen waarvan ik weet dat hoort helemaal niet bij het nieuwe bewustzijn, maar ik voel dat ik het nog niet aankan om het anders te doen. Je moet continu in verbinding met je innerlijke stem staan dat is het allerbelangrijkste.
En degenen die bij de bevalling aanwezig zijn moeten zich in stille eenvoud op de achtergrond houden. De vader zal ook met zorg omringd worden, want ook de emotionele verwerking van de vader voelt het kind. Slaat op het kind terug. Vader, moeder en het kind staan centraal. De anderen moeten omhullend aanwezig zijn.

De emoties van de omstanders kunnen het proces beïnvloeden. Dat moeten we ons bewust zijn. Meditatief op elkaar afstemmen is beter. Op elkaar, maar vooral op de kosmische begeleiding op dat moment. Elke geboorte is ook weer een inwijding voor de geestelijk wereld.
Je kunt als je je zo meditatief openstelt, of je nou helper bent of moeder of wat dan ook, kun je het beste luisteren naar je innerlijke impulsen.

Kinderen die erg vroeg geboren worden, achten zichzelf nog onbewust en daardoor krijgen ze een te haastige voorschouw en vaak nog versluierd ook. Daardoor kan het kind ook moeite hebben om te overleven. Ze moeten heel zorgvuldig emotioneel begroet worden, want ze zijn vaak nog heel onvoorbereid op het leven. We moeten ze aanspreken op eenvoudige volwassen wijze.
Zo’n te vroeg geboren kind is eigenlijk in zijn kind-zijn geschoten en we moeten a.h.w. beleefd weer vragen of hij weer terug wil komen bij zijn volwassen ik om het leven weer aan te gaan.
Zo’n kindje dat te vroeg geboren is moet vooral voorzichtig niet ruw aangepakt worden, want het verlamt a.h.w. de levenszin nog meer. Het verwacht bijstand op liefdevolle wijze waardoor hij zichzelf weer geschikt kan vinden om te leven.

Het kind komt uit een volmaakte sfeer. Het komt nog uit een sfeer waar geen besef is van ruimte en tijd en nemen dat ook mee naar de aarde. Ze hebben eigenlijk nog geen tijdsbewustzijn. Het moet vanuit respect aangesproken worden. Als het kind niet, vanuit respect voor zijn volwassen ik wordt aangesproken kan het zijn identiteit niet vormen, kan hij niet zijn wie hij werkelijk is. Dan blijft het kind verlangen naar de ongeziene wereld en verblijft het niet in het hier en nu.

-/-

Reacties zijn gesloten.